De kunstmatige joods-christelijke traditie

Volgens velen is de Nederlandse cultuur gefundeerd op een joods-christelijke traditie. Ik kan mij moeilijk in deze traditie vinden. De Nederlandse Joods Historische literatuur bestaat met name uit opsommingen van antisemitische uitingen en maatregelen waaruit blijkt dat Joden en hun bijdrage aan de Nederlandse maatschappij verre van welkom waren. Vanaf de vroege middeleeuwen zijn er talloze voorbeelden te noemen waaruit dit blijkt. Het meest schrijnende voorbeeld dateert uit de twintigste eeuw: de jodenvervolging tijdens de tweede wereld oorlog in Nederland. Het benadrukken van een joods-christelijke traditie waar onze Nederlandse cultuur op is gefundeerd, is dan ook een nieuw fenomeen. Ik beargumenteer dat dit nieuwe fenomeen een kunstmatige constructie is gebaseerd op valse veronderstellingen als compensatie voor een besmet verleden.

Een gemeenschap heeft invloed uitgeoefend op een cultuur als het erfgoed van waarde is voor de huidige maatschappij. Bijvoorbeeld, de veronderstelling dat de Nederlandse cultuur op christelijke principes gefundeerd is wordt beargumenteerd door de stelling dat Nederland de afgelopen eeuwen overwegend ongehinderd beïnvloed is door het christendom, wat uiteindelijk heeft bijgedragen aan onze hedendaagse normen en waarden. Als joodse bijdragen aan onze Nederlandse traditie en cultuur worden nu het liberale humanistische gedachtegoed van Spinoza en de economisch stimulerende rol van de Sefardische Joden in de ontwikkeling van de Gouden Eeuw onderstreept. Hier valt zeker wat voor te zeggen. Toch ben ik niet overtuigd dat dit erfgoed als typisch Nederlands toegeëigend kan worden. Vooral omdat Joden voor het grootste deel van hun geschiedenis in Nederland niet als volwaardige Nederlandse burgers werden gezien.[1] Ook niet tijdens de Gouden Eeuw.

Om van de bijdrage van een gemeenschap aan een traditie te spreken ben ik van mening dat een positieve invloed van een gemeenschap aanwezig moet zijn wat een land (deels) definieert, maar bovenal waar een land ook trots op is. De Joodse aanwezigheid en bijdrage wordt nu wel door Nederlanders gewaardeerd, maar in het verleden was dit zeker niet het geval. Suggereert traditie niet dat er van waardering voor de aanwezigheid en bijdrage van een gemeenschap sprake moet zijn geweest voor een significant deel van de geschiedenis van een land? De uitwerking van de Holocaust in Nederland illustreert het scherpst dat hier absoluut geen sprake van is geweest.

Nog geen 70 jaar geleden zijn tijdens de Holocaust ca. zes miljoen joodse mensen vermoord. 104.000 van deze zes miljoen hadden de Nederlandse nationaliteit.[2] Met deze 104.000 heeft Nederland relatief een van de hoogste percentages aan Joden verloren. Opmerkelijk is het gemak waarmee in Nederland Joden opgespoord en op transport gezet konden worden. Opmerkelijk is ook het gemak waarmee Nederlandse Joden binnen een korte periode in totaliteit van hun bezittingen beroofd zijn, en hoe maximaal Nederlandse financiële instellingen hiervan hebben kunnen profiteren.[3] Nog opmerkelijker is hoe schandalig er omgesprongen is met de Nederlandse Joden die de oorlog overleefden. Een voorbeeld hiervan is de erfpacht kwestie die onlangs besproken werd tijdens een aflevering van Oog in Oog. Burgemeester van der Laan vertelde daar dat studenten in maart tijdens het digitaliseren van dossiers van de Gemeente Amsterdam per abuis ontdekte dat joodse oorlogsslachtoffers na hun terugkeer naar Amsterdam werden beboet en aangeslagen voor het niet betalen van erfpacht tijdens de oorlog. Het ging hier om Nederlandse Joden die ondergedoken zaten en weer naar huis wilde, of terug kwamen uit concentratiekampen. Deze zaak illustreert de opmerkelijke kilheid en bureaucratie die prevaleerden over empathie. Ik herhaal ‘opmerkelijk’, omdat ondanks dat deze verschrikkingen zich ook elders voordeden; naar verhouding het in Nederland in vergelijking met andere west Europese landen, het ergst met de Joden gesteld was.[4]

Zowel in het politieke als het publieke discours heeft men het met name over de ‘Joden’ die vervolgd zijn. Volgens mij zijn er 104.000 Nederlanders vermoord met de Joodse geloofsovertuiging. Als we van een geldende Joods-christelijke traditie spreken, dan zouden deze slachtoffers eerst als Nederlands en dan pas als Joods gedefinieerd moeten worden. Zouden we ook gesproken hebben van Protestanten als zij het slachtoffer waren geweest, of hadden we hen wel eerst Nederlanders genoemd? De Nederlandse Jood, blijft tot de dag van vandaag eerst een Jood en dan pas een Nederlander.

Waarom dan spreken we in Nederland van een Joods -christelijke traditie? Het houden bij een christelijke traditie is kennelijk niet voldoende.[5] Waarom wordt er een Joodse component aangeplakt? Ik ben ervan overtuigd dat het Joodse benadrukt wordt vanwege een doorgeschoten angst om Joden niet te willen uitsluiten. Dit is namelijk al een keer eerder gebeurd en we weten allemaal hoe dit geëindigd is. Deze obsessieve neiging stamt mijns inziens van een onverwerkt schuldgevoel over het Nederlandse aandeel in de Holocaust, waarmee de Nederlandse politieke elite zichzelf gegijzeld houdt. Dit heeft geresulteerd in een philo-semitisch[6] buitenlands beleid ten opzichte van Israël, een taboe op een kritische visie op Israëls binnenlandse politiek en dus het benadrukken van een joods-christelijke traditie.

Om het Joodse aspect van onze Nederlandse traditie te erkennen, moet volgens mij naar het gehele plaatje gekeken worden. Nu worden alleen de positieve aspecten van de Joodse geschiedenis in Nederland geselecteerd – Spinoza bijvoorbeeld – en bestempeld als zijnde deel van de Nederlandse traditie. Maar hoe zit het met de aspecten waar we niet trots op zijn? De Holocaust is een zwaar onderwerp dat men liever niet aanroert. Ik ben van mening dat we niet over een Joodse traditie in Nederland kunnen beginnen voordat de rol van Nederland in de moord op 104.000 Nederlandse Joden een open onderwerp van gesprek wordt.

De relatie van Nederland met Joden en het Joodse moet dringend normaliseren. Heel hard roepen: jullie horen er echt absoluut bij en kijk eens hoe wij een 'speciale relatie' met Israël opbouwen[7], maakt de fundering waar de zogenaamde joods-christelijke traditie op stoelt niet minder kunstmatig.

Een bevolkingsgroep die nog steeds als apart wordt gezien, waarvan een dramatisch percentage nog geen 70 jaar geleden effectief is uitgemoord wordt gerekend als bijdragende aan de Nederlandse traditie en cultuur. Ik denk dat we eerst naar ons verleden moeten kijken, voordat we er een gemeenschap bij trekken, waarvan uit de  geschiedschrijving blijkt dat wij ze de afgelopen eeuwen liever kwijt waren dan rijk.

 


[1] In de geschiedenis van de Joden in Nederland is antisemitisme een belangrijk terugkerend thema. Er zijn veel voorbeelden te noemen. Ik houd me hier bij twee voorbeelden. In de laat middeleeuwen werden Joden als zondebok verbrand tijdens de pestepidemieën. Tijdens de gouden Eeuw werden Joden uitgesloten van gilden, waardoor ze de meeste beroepen niet konden beoefenen. Voor meer voorbeelden verwijs ik u naar: Andel, C. P. van, Jodenhaat en Jodenangst. Over meer dan twintig eeuwen antisemitisme. , Amsterdam/Voorburg, 1983.

[2]  Lucy Dawidowicz. The War Against the Jews, Bantam, 1986.p. 403

[3] Veraart, W.J., Ontrechting en rechtsherstel in Nederland en Frankrijk in de jaren van bezetting en wederopbouw, (2005).

[4] In vergelijking met west Europese landen, Frankrijk, België en de Scandinavische landen zijn in Nederland relatief de meeste Joodse mensen vermoord en was ontrechting het verst doorgevoerd

[5] Ik ben overigens niet van mening dat een dergelijke traditie wel geldend is voor Nederland

[6] Philosemitisme: het tegenovergestelde van antisemitisme, een ongefundeerde waardering voor alles wat met het Jodendom te maken heeft.