Het vreemde veto van Timmermans

“Timmermans dreigt met veto over sancties Israël”, was op 19 juni pontificaal te lezen op nieuwssite nu.nl. Vermoedelijk was met mij menigeen verrast door deze robuuste rebellie van sociaal-democraat en europeaan Timmermans binnen de Europese Unie. De dreiging van Timmermans is een grote misstap die niet past bij zijn rol als voorvechter van de mensenrechten.  Het lijkt vaak wel of iedere Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken standaard verwordt tot een verdediger van de status quo in Israël.

Dit is voor veel Nederlanders anno 2013 maar moeilijk te begrijpen. In het recente Midden-Oosten debat van de PvdA, was het nota bene Timmermans zelf, die het conflict tussen Israël en Palestina in een bevlogen  speech een “doorn in de flank van de wereld” noemde. PvdA-leider Samsom typeerde op hetzelfde debat het conflict als “de moeder aller conflicten” en stelde te ervaren dat “Nederland ook telkens een beetje in brand” staat door dit conflict.  Timmermans stelde in zijn speech dat een bouwstop voor Israël op de Palestijnse Westoever de meest urgente maatregel is om een toekomstige vreedzame tweestatenoplossing mogelijk te houden. Hoe komt hij dan zover dat hij, als enige Europese minister van Buitenlandse Zaken dreigt om zijn veto te gebruiken? Dit terwijl zijn geliefde Europa met sancties een verbetering van, nota bene, zijn speerpunt, de mensenrechten, probeert af te dwingen in Israël-Palestina? Timmermans zou zich gezien zijn sociaal-democratische achtergrond meer in moeten zetten voor een oplossing van het Israël-Palestina conflict en de bescherming van de mensenrechten van Palestijnen. Alleen door vernieuwend en gedurfd beleid voorkomt hij later aan te hoeven sluiten in de rij van spijtoptanten.

Bij Timmermans voorganger Uri Rosenthal kon nog wel erg gemakkelijk gewezen kon worden op zijn Joodse afkomst en bij diens voorganger Maxime Verhagen op zijn fervente atlantisme (de samenwerking met de Verenigde Staten voorop stellen). PvdA-minister Timmermans staat echter bekend als sociaal-democraat en Limburgs eurofederalist. De positie van Timmermans is wetenschappelijk gezien interessant, omdat er anders dan bij zijn voorgangers geen persoonlijke variabelen zijn die een pro-Israël houding verklaren. De pro-Israël houding waar we hier tegenaan lopen, is een nationale historische en institutionele traditie: de Nederlandse identificatie met Israël begon tijdens de Reformatie, waarin protestants Nederland zichzelf begon te zien als “het nieuwe Israël”. In de 20e eeuw, toen het moderne Israël gesticht wordt, kwam hier identificatie vanuit sociaal-democratische hoek bovenop, aangezien Israël in het beginstadium veel kenmerken had van een sociaal-democratisch project (de sociaal-democratie had in deze dagen nog niet volledig afstand genomen van kolonialistische gedachten). Recent, door de ombuiging in de houding van uiterst rechts tegenover de Joden door PVV-leider Geert Wilders, is hier een derde “identificatiegolf” bijgekomen van Israël als vooruitgeschoven post van “het Vrije Westen” in de “vijandige wereld  van de Islam”. Deze beweging lijkt echter redelijk persoonlijk ingegeven door de persoon Wilders en is inmiddels tegengesteld aan de achtergrond van een overwegend afnemende sympathie voor Israël onder de bevolking. Met de oprichting van professionele inlichtingen- en veiligheidsdiensten halverwege de twintigste eeuw hebben sympathische bondgenootschappen echter een minder vrijblijvend en minder veranderbaar karakter gekregen door vervlechting en deling van informatienetwerken. De houding van minister Timmermans tegen de achtergrond van zijn politieke overtuigingen, doet vermoeden dat het voor iemand in zijn positie nog steeds moeilijk is om onder de greep van de samenwerking met Israël uit te komen.

Hoe kan Timmermans dan voorkomen dat hij, in navolging van oud-premier Van Agt, pas de juiste kant kiest, wanneer hij zijn invloedrijke positie kwijt is? Om geloofwaardig te zijn als verdediger van de internationale mensenrechten, zijn speerpunt, kan hij zich niet blijven verbergen achter het argument “de goede banden met Israël gebruiken om de positie van de Palestijnen te verbeteren”. Onlangs werd vanuit het Israëlische kamp door functionarissen bevestigd dat Israël doelbewust probeert een tweestatenoplossing fysiek onmogelijk te maken door de Westoever vol te bouwen met kolonies op strategische plaatsen en alleen de politieke druk van de VS en Europa haar hiervan weerhoudt. Timmermans politieke leider Samsom benadrukte in zijn speech op het Midden Oosten-debat vooral de “verantwoordelijkheid van Israël in het conflict als bovenliggende partij”. Timmermans partijgenoot en Tweede Kamerlid Bonis stapte per 14 juni op, omdat zij zich niet meer in Timmermans beleid inzake Israël-Palestina kon vinden. Nu in de EU ook sancties besproken worden om de broodnodige druk op de Israëlische ketel te houden zijn er politieke feiten gecreëerd die het Timmermans onmogelijk maken, door te gaan met de Nederlandse business as usual inzake Israël zonder flink aan geloofwaardigheid in te boeten als het gaat om zijn positie als beschermer van de mensenrechten. Wat zal beklijven is het beeld van een machteloze marionet van een VVD-PvdA coalitie en het veronderstelde Nederlandse landsbelang. Ik roep Timmermans op dit beeld te veranderen en zijn positie als kampioen van de mensenrechten te verdedigen, voordat het te laat is.