Schrijf de PvdA niet af

Momenteel buitelen analisten en columnisten over elkaar heen om de Partij van de Arbeid dood te verklaren. Het gemor bij de achterban, de scheuren in het huidige kabinet, de te rechtse koers en bovenal een reeks schrikbarende verkiezingsnederlagen lijken voor velen symptomen van de onstuitbare teloorgang van de sociaaldemocraten. De Nederlandse parlementaire geschiedenis leert ons echter voorzichtiger om te springen met dit soort voorbarige conclusies, betogen Wouter Welling en Jordy Rutten.

bron afbeelding: Partij van de Arbeid

De afgelopen tijd werd bijvoorbeeld D66 steevast een geweldige toekomst toegeschreven. Zo vanzelfsprekend is dat echter helemaal niet. Nog geen tien jaar geleden zat deze partij met welgeteld 3 zetels in de kamer en duidden de peilingen zelfs lang op een politiek landschap zonder D66. De VVD, die nu al 5 jaar de premier levert, verkeerde rond dezelfde periode ook in een diepe, existentiële crisis met terugtredende partijkopstukken en grote interne verdeeldheid. Beide partijen werden destijds tot mislukte projecten verklaard. Beide partijen zijn herrezen. Hetzelfde geldt voor het CDA, waar lang lacherig over werd gedaan, maar dat nu weer de weg omhoog gevonden lijkt te hebben. 

Daarbij wordt ook steeds aangenomen dat de PvdA de eerstvolgende Tweede Kamerverkiezingen angstiger tegemoet zal moeten zien dan de VVD. De uitgangspositie van de liberalen is echter veel minder rooskleurig dan die van de sociaaldemocraten. Het lang populaire D66 snoepte weliswaar van beide coalitiepartners zetels af, maar de VVD heeft ook nog eens last van het CDA, met herwonnen zelfvertrouwen, en van een Wilders die nu garen spint bij de vluchtelingencrisis. 

De PvdA heeft daarentegen nog geen sterke concurrentie op links. Roemer presteert structureel ondermaats bij intensievere campagnes en het lijkt er sterk op dat de glans van Jesse Klaver langzaamaan begint te vervagen. De ondermaatse prestatie van de sociaaldemocraten bij de Provinciale Statenverkiezingen van maart dit jaar is een gevolg van het thuisblijven van een groot deel van hun electoraat, niet van overloop naar andere linkse partijen. De VVD moet straks dus de strijd aan met haar politieke concurrenten, de PvdA hoeft slechts haar eigen kiezers te mobiliseren.

Op 19 februari 2012 stond de Partij van de Arbeid in de peilingen op 14 zetels. Ook toen noemde Maurice de Hond dit 'structureel'. Minder dan een half jaar later werd de PvdA op een haar na de grootste partij met 38 zetels en kon zij aan een nieuw kabinet deelnemen. Het enige dat werkelijk structureel blijkt te zijn, betreffen de grootse uitspraken van De Hond. Miraculeuze comebacks zijn geen uitzondering in de Nederlandse politiek, ze zijn eerder de regel, zeker bij de Partij van de Arbeid. Eenieder die een Nederlandse politieke beweging te vroeg dood verklaart, toont hiermee slechts het eigen gebrek aan historisch besef.

Wouter Welling en Jordy Rutten