Waardering van Arbeid

Naar ons idee is de waarde en daarmee de waardering van werk niet in alle beroepen en sectoren gelijk verdeeld. Vanuit het sociale denken is dit iets wat alles behalve gewenst is. Niet alleen de hoogopgeleide professoren, de goedverdienende orthodontisten of tandartsen en de topsporters verdienen onze waardering. Die waardering moet er ook komen voor Bernadette, schoonmaakster van beroep, die exemplarisch is voor de beroepsgroepen die niet de waardering krijgen die ze verdienen.

bron afbeelding: Jim Pickerell, 1936-, Photographer (NARA record: 4588217)/ Wikimedia Commons

Wat?

Om een manier te kunnen bedenken hoe dit aangepakt moet worden is het eerst nodig om vast te stellen wat de waarde of de waardering van werk precies is. Naar ons idee is dit goed samen te vatten in de volgende drie symbolen.

Het hart staat voor het gevoel en dat het werk ons geeft. Dan bedoelen we het gevoel dat je er zelf aan overhoudt, maar vooral ook het gevoel, en daarmee de waardering, dat een ander bij jouw beroep heeft. Dit is vooral van belang voor de beleving en daarmee het plezier waarmee iemand zijn werk uitvoert.

De vlinder staat voor vrijheid. Veel mensen voeren werk uit dat zij eigenlijk liever niet zouden doen, maar wel moeten doen zodat ze financieel rond kunnen komen. De keuzevrijheid om het beroep uit te voeren dat je daadwerkelijk ook uit wil voeren is in onze ogen zeer belangrijk.

Last but not least natuurlijk de euro, de financiële kant van het verhaal. Nu wordt een waardering voor een baan voornamelijk uitgedrukt in keiharde euro’s. Wij willen hier verandering in brengen, maar vergeten daarbij niet het belang van de financiële waardering. Dit is tenslotte voor het grootste deel van de werkende gemeenschap de belangrijkste reden tot het uitvoeren van werk.

Om het probleem goed zichtbaar te maken hebben wij twee beroepen als voorbeeld gesteld, de schoonmaakster (Bernadette) en de buschauffeur (Akim). Bernadette en Akim verbeelden naar ons idee precies het probleem van het ontbreken van de juiste waardering voor werk.

Bernadette doet als schoonmaakster belangrijk werk dat niet iedereen wil doen, maar zonder haar zou het kantoor waar jij en ik werken steeds viezer en viezer worden. Op den duur is de koffie niet meer te drinken omdat Bernadette het koffieapparaat en de kopjes niet meer schoon maakt. Waarom vragen we Bernadette dan om een andere ingang te nemen dan wij doen, en waarom mag zij niet tijdens de reguliere werkuren haar werk doen, maar moet zij ‘s ochtends vroeg voor wij uit ons bed komen al aan de gang, of zelfs ‘s avonds laat als wij al lang weer thuis zijn? Bernadette heeft dan ook een onzichtbaar, maar zeer belangrijk beroep.

Dan Akim. Akim brengt ons bijna elke dag naar ons werk met zijn bus. Maar als we instappen, zien we dan Akim zitten, of zien we iemand die onderdeel is van de bus? Als onze chipkaart het weer eens niet doet en we moeten betalen, worden we dan kwaad op Akim of op een machine? Het is wel Akim die dan wordt uitgescholden of bespuugd, terwijl hij ons toch echt alleen veilig en comfortabel naar ons werk of naar school wil brengen. Het is wel Akim tegen wie we geen gedag zeggen terwijl we hem in sommige gevallen wel dagelijks zien. Akim heeft ook een niet-zichtbaar beroep.

Hoe?

Het probleem moge nu wel duidelijk zijn, maar daarmee is er nog geen oplossing. Wij beseffen ons ook dat er ook in dit geval geen gouden ei bestaat waarmee alles in één keer is opgelost. Wij denken met de volgende maatregelen wel een mooie cocktail gevonden te hebben waarmee we de aandacht op dit probleem kunnen vestigen en het kunnen verminderen. Onze cocktail bestaat uit de volgende maatregelen.

(On-)zichtbaarheidscampagne

Om de aandacht te vestigen op deze ongeziene maar zeer belangrijke beroepen, willen wij een campagne starten die de vinger legt op de zere plekken. Als meer mensen gaan beseffen dat bepaalde beroepen ook zwaar en zinvol werk zijn wordt de waardering hiervoor ook groter. Voor de buschauffeur willen wij een campagne starten met posters in de bushokjes. Op deze posters staat een buschauffeur die je aankijkt en zegt: “Je kijkt wel, maar je ziet me niet”. Voor de schoonmaakster zou je kunnen denken aan een campagne waarbij de directie of het personeel een dag het werk van de schoonmaaksters over neemt. Hiermee vergroot je de zichtbaarheid en het sociale contact met deze onzichtbare beroepen.

Krachtige en aantrekkelijke vakbond

Wij zouden graag een sterkere vakbond zien. Een sterkere vakbond kan ervoor zorgen dat Bernadette en Akim hun rechten beter leren kennen en zich gesteund voelen om voor hun rechten op te komen. Daarnaast kunnen Bernadette en Akim samen met de vakbond meer druk leggen op werkgevers om te zorgen voor meer waardering. Wij denken dat dit bereikt kan worden als de overheid alleen nog contracten aangaat met bedrijven die een afgesloten cao bezitten (die niet over de looptijd heen gaat) en het lidmaatschap aantrekkelijker wordt door vakbondsleden iets meer loonstijging te geven bij een cao dan niet-vakbondsleden. Dit zorgt voor een grotere organisatiegraad, meer zeggenschap in de organisatie  en de ruimte voor meer zelfexpressie op het werk.

Verhogen van individuele buffers[1]

Door het vergroten van de buffer wordt het sociale vangnet vergroot. Dit kan op meerdere manieren bijdragen aan een grotere waardering voor werk. Doordat het financiële gat tussen werken en niet werken minder groot wordt, is het makkelijker om de gok te wagen en volledig te gaan voor het beroep dat je echt graag zou willen hebben. Daarnaast geeft dit ook de optie om niet twee banen, maar slechts één baan tegelijk te hebben. Hierdoor worden hele lange werkweken ingekort, waardoor het aanbod verlaagd wordt. De vraag zal gelijk blijven, waardoor er een schaarste ontstaat en de waardering voor deze beroepen zal stijgen. Dit zorgt dus voor meer keuzevrijheid en meer zekerheid.

Fatihya Abdi, Wimar Bolhuis, Vincent Bouma, Anna Robin Hogendoorn Streef, Maarten van der Laan, Kristina van der Molen en Anne Roosenberg

 

[1] Buffer: financieel welvaartsvangnet zoals o.a. door Anton Hemerijck beschreven in het volgende artikel; Social investment; Stock, Flow and Buffer