In de schijnwerpers: Dijsselbloems nivellerende vermogensbelasting

Jeroen Dijsselbloem staat niet bepaald bekend als de linksbuiten van de PvdA. Zo was de Europees socialistische fractie onlangs nog boos op hem en worden hem door veel PvdA’ers neoliberale trekjes toegeschreven. Toch zijn er tijdens zijn regeertermijn in Nederland een fors aantal nivellerende hervormingen doorgevoerd die de inkomens- en vermogensverdeling rechtvaardiger maken. Denk hierbij aan het afbouwen van de hypotheekrenteaftrek en het fors inperken van bonussen bij financiële instellingen. Een belangrijk recent voorbeeld hiervan is de hervorming van de vermogensbelasting die sinds 1 januari van kracht is. Door deze hervorming worden spaarders met een groot vermogen zwaarder belast en spaarders met relatief weinig spaargeld juist een stuk minder. Wat mij betreft een uitstekende en rechtvaardige maatregel, waar meer aandacht aan besteed mag worden.

bron afbeelding: © European Union 2014 - European Parliament

Het probleem van te veel kapitaal bij weinigen

In zijn baanbrekende boek Kapitaal in de 21ste eeuw waarschuwt Thomas Piketty voor een te grote hoeveelheid kapitaal in de handen van een kleine bovenlaag. Een samenleving wordt niet alleen ontwricht door inkomensongelijkheid. Een te grote vermogensongelijkheid is wellicht nog veel gevaarlijker. Mensen die veel kapitaal hebben kunnen gaan rentenieren waardoor ze zichzelf met niets doen (puur door het hebben van geld) kunnen voorzien van een inkomen. Je zou kunnen zeggen dat deze mensen met niets doen een hoog basisinkomen hebben gerealiseerd. Bovendien is kapitaal overerfelijk, waardoor mensen die toevallig rijk zijn geboren kunnen beschikken over aanzienlijke vermogens en een hoog basisinkomen, zonder daar zelf iets voor te hebben gedaan.

Het wonderlijke aan kapitaal is dat het op termijn alleen maar sneller groeit. Dit komt door het rente-over-rente-effect. Omdat kapitaal over het algemeen een tijd nodig heeft om flink te renderen, is het zo goed als onmogelijk voor hen die weinig, of niets hebben, om op hetzelfde niveau als de kapitaalkrachtigen te komen. Op termijn ontstaat zo een tweedeling tussen hen die weinig hebben en hen die veel hebben en daardoor automatisch rijker worden. Met de ontwikkelingen rond automatisering en het verdwijnen van banen, zal de kloof in de maatschappij zo alleen maar verder toenemen.

De huidige ongelijkheid in perspectief

In de 19de eeuw en het begin van de 20ste eeuw hadden we een aanzienlijke klasse in de westerse wereld die slechts leefde van haar kapitaal. Een groot deel van dit kapitaal verdampte door de twee wereldoorlogen en de crisis van de jaren dertig, waardoor de verdeling van bezit egalitairder werd. Die ontwikkeling is inmiddels weer omgekeerd. De Verenigde Staten bevindt zich inmiddels al op het ongelijkheidsniveau van voor de Eerste Wereldoorlog. Dit is eenvoudig te zien in de volgende grafiek die laat zien welk deel van het totale vermogen in handen is van de rijkste 0,1 procent van de Amerikaanse bevolking.

Deze ontwikkeling is redelijk eenvoudig tegen te houden door middel van een kapitaalbelasting en erfbelasting met forse tarieven. Kapitaal kan immers moeilijker accumuleren als de jaarlijkse winst door de overheid wordt ingeperkt. Ook wordt hiermee voorkomen dat vermogen te gemakkelijk aan familie wordt overgedragen, die zo zonder iets te doen een hoog basisinkomen overhouden.

Dijsselbloems vermogensbelasting a la Piketty

De nieuwe vermogensbelasting van Dijsselbloem is een forse stap in de goede richting. In Nederland hebben we een redelijk unieke vermogensbelasting, omdat we belasting heffen op het vermogen en niet op het inkomen uit kapitaal. Iedereen die meer heeft dan ca. € 25.000,- moet over het bedrag daarboven 1,2% belasting betalen in box 3. Dit is een systeem dat zeker niet perfect is. Professor Bas Jacobs van de Erasmus Universiteit heeft een uitstekend kort artikel geschreven over waarom het huidige systeem aan hervorming toe is. Hoewel Dijsselbloem met z’n aanpassing niet toe komt aan alle kritiek van Jacobs, maakt Dijsselbloems hervorming het systeem wel een stuk rechtvaardiger.

De nieuwe vermogensbelasting is immers progressief gemaakt. Hoe meer vermogen iemand heeft, hoe meer belasting hij gaat betalen. Mensen met een vermogen tot € 75.000,- betalen straks nog maar 0,861% belasting over hun vermogen, tot €950.000,- is dat 1,38% en boven de €950.000 1,617%. Een stuk eerlijker: tot ca. €250.000,- (een bedrag dat te weinig is om van te rentenieren) betalen mensen minder vermogensbelasting, daarboven meer. De nieuwe belasting is dus voor groot kapitaal 0,417% meer dan nu. Dat lijkt niet veel, maar vanwege het rente-over-rente-effect wordt over een periode van twintig jaar zo wel de kapitaalgroei afgeremd met 8,7% ten opzichte van het huidige systeem. Over vijftig jaar is dat zelfs iets meer dan 34%.

Met deze nieuwe opzet van box 3, benadert Dijsselbloem zelfs de wens van Thomas Piketty. In zijn boek stelt hij dat we moeten streven naar een wereldwijd minimum van 2% belasting op vermogen. Dit kan volgens hem – in combinatie met een redelijke erfbelasting en een progressieve belasting op inkomen – de accumulatie van kapitaal bij een kleine groep tegengaan. Dijsselbloems 1,617% komt al aardig in de buurt.

Een eerste stap

Natuurlijk is deze stap pas een eerste stap op weg naar een rechtvaardigere inkomens- en vermogensverdeling. En ja, de Nederlandse erfbelastingen zijn te laag, de inkomstenbelasting kan rechtvaardiger en er bestaan nog bijzonder veel sluipwegen om over vermogen minder belasting te betalen. Maar dat het Dijsselbloem in een regering met de VVD toch is gelukt de vermogensbelasting progressief te maken valt zeer te prijzen.