Van ruilen komt huilen

Beleidspunten uitruilen, het leek zo mooi. In plaats van een regeerakkoord met halfbakken compromissen, ruil je punten tegen elkaar uit en creëer je een kabinet dat daadkrachtig besluiten kan nemen. Die strategie hebben de huidige coalitiepartners, de PvdA en VVD, in belangrijke mate gehanteerd bij de onderhandeling van het huidige regeerakkoord. Punten werden uitgeruild met behulp van het kaartensysteem van informateur Wouter Bos.  Zo kreeg iedereen wat, kwam er een stabiel kabinet en konden nodige hervormingen nu eindelijk eens doorgang vinden.

De realiteit blijkt weerbarstiger. De weerstand van de PvdA-leden tegen de strafbaarstelling van illegaliteit en de weerstand eerder van VVD-leden tegen de inkomensafhankelijke zorgpremie, laat zien dat ruilen alleen niet genoeg is. Voor maatregelen die het resultaat zijn van een ruil moeten op zijn minst plausibele argumenten voor de eigen achterban geformuleerd kunnen worden.

Door het gehanteerde systeem van uitruilen is dat op een aantal vlakken onmogelijk. Het probleem van de uitruilstrategie is dat punten voor elkaar worden uitgeruild zonder dat de resulterende maatregel in zichzelf jegens de ander wordt gerechtvaardigd. Dat blijkt nog maar eens uit de reactie van Diederik Samsom op de ophef over de strafbaarstelling van illegaliteit. Dinsdag noemde Samsom het een “lelijke afspraak die niets oplost”. Een prima argument om de maatregel zo snel mogelijk te schrappen, zou je zeggen. Toch is heronderhandeling volgens Samsom moeilijk. De maatregel is onderdeel van een totaalpakket, waarin de PvdA er veel voor heeft teruggekregen. Bovendien heeft de PvdA een afspraak gemaakt, Samsoms woord staat.

Die argumentatie is onvoldoende. Inhoudelijke argumenten waarom de strafbaarstelling van illegaliteit in zichzelf een goede maatregel zou zijn, worden in de huidige discussie niet gegeven. Het is een slechte maatregel maar omdat er een afspraak is gemaakt, moeten we er toch aan meewerken. Op basis van die beperkte argumentatie is het echter onduidelijk waarom we de maatregel zouden moeten accepteren. Afspraken zijn niet in beton gegoten, en als het domme afspraken zijn moet je ze aanpassen. Als er voor de PvdA-achterban geen argumenten gegeven te zijn die de strafbaarstelling van illegaliteit enigszins begrijpelijk zouden kunnen maken, dan is het een maatregel die niet geschikt is voor een uitruil.

In een democratie, en zeker in een coalitiesysteem als Nederland is het sluiten van compromissen onvermijdelijk. Niet alles wat in het regeerakkoord komt te staan is voor iedere partij even wenselijk. Maar toch, enkel het feit dat je de ander iets wilt gunnen is als enig argument onvoldoende. De maatregel die geruild wordt, moet ook in zichzelf gerechtvaardigd kunnen worden jegens de personen die het niet direct met die maatregel eens zijn. Dat is ook een eis van de democratie. Dat je de besluiten die worden genomen op zijn minst probeert te rechtvaardigen, open staat voor discussie en zo de positie van een ander serieus neemt. Alleen dan kan het overheidsbeleid iets van ons allemaal zijn. Ook hier is een constructieve rol van de VVD als coalitiepartner gewenst: zij moet aangeven waarom de strafbaarstelling van illegaliteit wel een goed idee is. Bij het huidige debat over de strafbaarstelling van illegaliteit ontbreekt echter iedere inhoudelijke argumentatie.

Iets soortgelijks gebeurde bij de ophef over de inkomensafhankelijke zorgpremie. Ook daar werd de maatregel verdedigd als de uitkomst van een ruil, maar werd de onderbouwing van het besluit niet uitgelegd. De tegenstelling tussen de verschillende kampen werd nog eens versterkt door de opmerking van PvdA-voorzitter Spekman dat ‘nivelleren een feest is’. In plaats van dat men elkaar probeert te begrijpen, en elkaars zorgen serieus neemt, wordt de tegenstelling versterkt.  Alsof overtuigen en elkaar begrijpen niet mogelijk zouden zijn.

Laat de huidige discussie over illegaliteit daarom ook een les zijn voor de toekomst. Effectiviteit en daadkracht op de korte termijn, gaan vaak ten koste van legitimiteit en effectiviteit op de lange termijn. In tijden van crisis staat die effectiviteit en daadkracht op de korte termijn vaak centraal, maar voor een duurzame oplossing  die op voldoende draagvlak kan rekenen is legitimiteit onontbeerlijk. Meer discussie, langere besluitvormingsprocedures en minder daadkracht zijn daarom zo slecht nog niet. Ze zijn onlosmakelijk verbonden met het systeem van democratie.